U bevindt zich hier: Home

Interview met een Verpleegkundige

Opleidingen en cursussen

Vind een cursus of training. In samenwerking met Springest

Boeken

Advertenties

 

 

Sandra Kleefstra is Verpleegkundige

Waarom ben jij verpleegkundige geworden?

Ik wilde altijd dierenarts worden. Tot ik de ziekenhuisbedden op de hogeschool trof, bij een opendag. Toen was ik overstag. Ik vond ziekenhuisseries leuk, had altijd lol op mijn moeder haar werk (zij was ziekenverzorgende), keek vol interesse naar het druppen van een infuus toen familieleden in het ziekenhuis lagen. Kortom, dat was iets voor mij, dacht ik.

 

Welke opleiding heb je gevolgd om  verpleegkundige te worden?

Na de MAVO en de HAVO heb ik HBO-v gedaan. In vier jaar heb ik het vak geleerd.

 

 

Kun je een gemiddelde werkdag beschrijven?

Een gemiddelde werkdag? Ha ha… die bestaat niet. Als ik drie dagen dezelfde patiënten heb, heb ik drie verschillende dagen. De ene dag rustiger, de andere dag razenddruk en de derde dag iets onverwacht anders. Spoedopnames, onverwacht sneller opknappen, sterfgevallen, maar ook overwinningen, heel dichtbij mensen mogen komen, dat ze je vertrouwen met hun alles (maar dan ook álles), blote lijven, grote geheimen, prachtige gesprekken… De dokters te woord staan in hun taal. Latijn vliegt je om de oren. Wat is dat gaaf, als je die ‘geheimtaal’ begrijpt. Als je vragen stelt, waar een arts weer enthousiast mee aan de slag gaat. Dat samenwerken, elkaar uitdagen, de advocaat zijn voor je patiënt, maar ook de geestelijk verzorger soms, de diëtiste, fysiotherapeut. Een verpleegkundige kan alles. Dat is een grote verantwoordelijkheid en een uitdaging om overeind te blijven. Maar echt práchtig om te doen. Om het te kunnen. Om het te mogen.

 

Welke competenties zijn belangrijk in je beroep?

Schakelen. Prioriteiten stellen. Je kunt een prachtig plan maken, maar het loopt altijd anders. Je moet stressbestendig zijn. Leergierig. Kritisch. Je moet tegen vieze dingen kunnen (bloed of andere dingen die uit lichamen knoeien). Je moet een beetje gek zijn, denk ik, om te verdragen wat wij moeten verdragen. Viezigheid, geurtjes, pijn, sterven. Maar je moet ook intelligent zijn. De dokter in zijn gedachten en plannen bij kunnen benen, voor zijn soms. Je moet een sterk lijf hebben, want je moet fysiek kilometers lopen, zwaar (en slim!) tillen, bukken, pakken, draaien, helpen… Je moet creatief zijn. Je moet namelijk onder bezuinigingen de beste zorg zien te bieden. Je moet je rust heel houden, dus bedenken hoe je iemand het best tilt en helpt. Je hebt steeds minder mogelijkheden (door dat financiële plaatje), maar steeds meer uitdaging. Maar schrik nou niet. Zie het als uitdaging. Als je dit kan, kan je alles! Dat is echt een heerlijk gevoel.

 

Wat is de grootste uitdaging in je werk?

Tja, zie boven. Een goede balans vinden. Op tijd pauzeren, naar huis gaan, dat is een uitdaging op zich. Je moet je grenzen goed aangeven en het gekke is, verpleegkundigen weten al die grenzen van lichamen, op tijd eten, genoeg drinken, op tijd naar het toilet, voldoende rust pakken… maar ze houden zichzelf er nooit aan. Dat is dus de grootste uitdaging in dit werk: op jezelf passen!

 

Wat geeft jouw baan de meeste voldoening?

De afwisseling en natuurlijk je contact met patiënten. Als je het goed doet, laten ze je zo dichtbij. De wereld is best hard tegenwoordig, vind ik. Maar in het ziekenhuis is alles wat lichter. In de zorg, bedoel ik. Ook in de thuiszorg of ergens anders. Aan een bed, zien mensen waar het leven echt om gaat: niet om snelle auto’s, vele euro’s, mooie kleren… daar heb je niks aan, zonder gezondheid of vriendelijkheid om je heen. In de zorg weten mensen ineens hoe veel warme woorden waard zijn.

Ik kan – als verpleegkundige – met alleen maar woorden of een houding zoveel goeds rondbrengen. Mensen geruststellen, op weg helpen, vertrouwen geven, rust brengen. Ik heb soms alleen mijn ogen en handen nodig om grootse dingen te bereiken. Jammer alleen dat daar steeds wat minder tijd voor is, voor die magie van ons vak.

 

Wat zijn de minder leuke kanten van je baan?

En dat is dan meteen het minder leuke. De hoge werkdruk. Je ziet zoveel mankeren aan mensen, zoveel kansen tot beterschap. Maar je kan niet meer alles bieden dat nodig is. Je kan alleen kiezen voor het hoognodige. Dat vind ik wel eens jammer. Dat frustreert mij.

En natuurlijk ben ik ook niet heel erg gek op po’s en almaar piepende piepers. Ha ha. Maar die horen er bij. Het went.

 

Wat zou je doen als je geen verpleegkundige zou zijn?

Verpleegkundige worden! Ik zal altijd naar mensen trekken. Begeleiden, helpen, geruststellen… Ik leer nu ook voor docent. Ik wil graag de verpleegkundigen van de toekomst klaarstomen. Dus dat zou ik ook kunnen doen. Al moet ik er niet aan denken om het verplegen helemaal los te laten. Ik ga zó het ziekenhuis missen dan. Mijn werkfamilie, waarmee je de zwaarste dingen kunt dragen…

 

Wat was je droombaan als kind?

Ik wilde dierenarts worden en een witte mercedes bezitten. Tja… dat liep anders. Nu heb ik een peugeootje en een rol verband op zak. Ik was gek op dieren en begreep mensen nog helemaal niet. Nu denk ik dat mensen helpen leuker is dan dieren redden. Voor mij, hoor, niet voor iedereen. Maar dat mensen je kunnen vertellen wat er aan scheelt, vind ik wel prettig. En dat je dus met woorden al veel voor elkaar kan krijgen. Dat geldt niet bij dieren. Wat wel geldt voor allebei is je uitstraling, denk ik. Met er zijn, rustig blijven, vriendelijkheid geven, help je zowel mens als dier al een eind op weg.

 

Hoe zie je de toekomst van de verpleegkunde?

Verpleegkundigen zullen steeds meer moeten werken aan kwaliteit en daarmee steeds iets verder van het bed weg bewegen. De zorg direct aan bed (wassen, wondzorg, slangen inbrengen, infusen geven) zal steeds meer door verzorgenden worden gedaan, denk ik. En dan moet de verpleegkundige meer sturen, verbeteren, bewaken, vooruit denken, brandjes blussen. Er is nog veel meer te halen uit de verpleegkundige dan nu gebeurt. Maar dan moet ze andere dingen loslaten. Je wilt het wel – als verpleegkundige – maar je kunt niet alles. Ook een verpleegkundige heeft maar 24 uur in een etmaal.

Er komen steeds meer ziekere patiënten. Ze leven langer, met ondertussen meer ziekten. Suikerziekte, longproblemen, hartkwalen. Je moet overal tegelijk verstand van en oog voor hebben. Dat maakt de zorg ingewikkeld en druk. Om die drukte op te lossen, hebben we meer mensen nodig. Ik denk dat dat uiteindelijk zal resulteren in minder verpleegkundigen en meer verzorgenden en dan werkend in een piramide van verantwoordelijkheden. Ik denk dat dat mijn vak heel uitdagend kan maken. Maar dat er ook mensen zijn die de zorg aan bed, de blik in patiëntenogen gaan missen.

 

Welk advies zou jij mensen die verpleegkundige willen worden geven?

Ga de praktijk eens zien. Is al dat aanraken en rondrennen echt iets voor je? Wees je bewust van de grote verantwoordelijkheid die je draagt. Anderen zitten na hun werk in de auto te denken aan stomme printers die weigeren en een collega die plaagt. Ik zit dan te denken aan de laatste tellen van iemands leven in mijn handen, doodsangst, bloedbaden. Het komt allemaal voor. Niet dagelijks. Maar het hoort er wel echt bij.

Als je houdt van hard werken, van het beste uit jezelf halen, als je bereid bent verantwoordelijkheden te dragen, als je houdt van puzzelen, oplossingen verzinnen voor het onmogelijke, van praten, van écht contact maken, van mensen diep in de ogen kijken, van aanraken, van nauw samenwerken binnen een team… dan zou ik willen adviseren: kom snel!

 

 

Over Sandra

Ik werk bij het Medisch Centrum Leeuwarden (MCL); mijn familie. En zoals dat gaat met familie, heb je wel eens mot met mensen hier of daar. Maar meestal ben ik blij dat ik iedereen weer zie. Er werken véél mensen, niet alleen verpleegkundigen en artsen. En allemaal willen ze iets moois doen voor de patiënt. Ik ben altijd trots op dat team rondom die angstige patiënten.

En er valt genoeg te klagen. Overal, denk ik. Maar ik ben over het algemeen heel tevreden. Je moet niet verpleegkundige worden voor de rijkdom, behalve als je dankbaarheid en glimlachen als schatten kunt beschouwen.

Verpleegkundige word je voor je hart. Het is goed voor je eigen hart. En ik zou het niemand ontraden om te gaan verplegen in mijn ziekenhuis: breed georiënteerd, dus er is veel te halen en te leren. Het MCL is in het Noorden een groot ziekenhuis met veel specialismen. Er is veel te leren en te doen.